Leuke weetjes over het Belvedere-paleis in Wenen

Het Belvedere-paleis is een van de kostbaarste pareltjes van Wenen. Het historische gebouwencomplex, dat aan het eind van de 17e en het begin van de 18e eeuw als zomerpaleis voor prins Eugenius van Savoye werd gebouwd, staat op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Hoewel het paleis uit verschillende delen bestaat, trekken het Boven-Belvedere en het Beneden-Belvedere de meeste bezoekers. Vooral het eerste is erg populair, want daar vind je de mooiste collecties van Gustav Klimt en Egon Schiele. Blijf lezen, want hieronder zetten we de belangrijkste weetjes over het Belvedere-paleis op een rijtje.

Plan je bezoek aan het Belvedere-paleis

Feiten over het Belvedere-paleis

1. De zomerresidentie van prins Eugenius van Savoye

Prins Eugenius van Savoye was een van de grootste militaire bevelhebbers en staatslieden van Oostenrijk. Hij leidde het keizerlijke leger naar een aantal cruciale overwinningen op het Ottomaanse Rijk en in de Spaanse Successieoorlog. Onder zijn leiding veroverde het Oostenrijkse leger Belgrado en werd Eugenius vereeuwigd in het volksliedje ‘Prins Eugenius, de edele ridder’. De Oostenrijkse commandant stond ook bekend om zijn liefde voor kunst, cultuur en wetenschap. Zijn kostbare boekencollecties vormen een essentieel onderdeel van de Oostenrijkse Nationale Bibliotheek, terwijl het Belvedere-paleis, dat zijn zomerverblijf was, miljoenen bezoekers trekt.

2. Gebouwd door Johann Lukas von Hildebrandt

Prins Eugenius van Savoye had twee namen in gedachten voor de bouw van het Belvedere-paleis - Johann Lukas von Hildebrandt en Johann Bernhard Fischer von Erlach. Hij koos de eerste als hoofdarchitect omdat Hildebrandt al een aantal geweldige gebouwen had gebouwd. Hildebrandt, een voormalige leerling van Carlo Fontana, had eerder het Ráckeve-paleis voor de prins op het eiland Csepel gebouwd. Tijdens zijn dienst bij het keizerlijk hof bouwde hij nog tal van andere bouwwerken, waaronder het Schloss Hof, het Schwarzenberg-paleis, het Kinsky-paleis en het kloostercomplex van Göttweig. Kort gezegd werkte hij als hofarchitect in Wenen.

3. Geïnspireerd door het kasteel van Versailles met Oostenrijkse elementen

Prins Eugenius van Savoye eiste een meesterwerk van Johann Lukas von Hildebrandt. Voordat hij het paleis ontwierp, liet Hildebrandt zich door verschillende gebouwen inspireren, maar richtte hij zijn onderzoek vooral op het kasteel van Versailles in Versailles, Frankrijk. Het complex van het Belvedere-paleis is sterk geïnspireerd op het paleis van Versailles, dat door koning Lodewijk XIV werd gebouwd. Hildebrandt zorgde er echter voor dat ook Oostenrijkse bouwstijlen in de bouw van het Belvedere werden verwerkt. Na tien jaar aan het project te hebben gewerkt, voltooide Hildebrandt het meesterwerk dat hij prins Eugenius had beloofd.

4. De nicht van prins Eugène wees het paleis af

Prins Eugenius was de eerste bewoner van het Belvedere-paleis. Hij woonde een aantal jaar in het paleis, maar heeft nooit vastgelegd wie er daarna zouden komen wonen. Daarom werd het paleis aangeboden aan zijn nichtje, prinses Maria Anna Victoria van Savoye. Verrassend genoeg heeft prinses Maria de sleutels van het Belvedere niet meegenomen. Maria Theresia kwam later tussenbeide en kocht het paleis. Ze maakte van het paleis een kunstgalerie in plaats van een zomerresidentie en stelde het in 1781 open voor het publiek. Zo werd het Belvedere-paleis het eerste openbare museum.

5. Hier hebben opmerkelijke persoonlijkheden gewoond

Na de dood van prins Eugène veranderde de samenstelling van de bewoners van het Belvedere-paleis vrij snel. In 1770 werd deze plek gebruikt voor een gemaskerd bal ter ere van het huwelijk van keizerlijke prinses Marie Antonia met de Franse dauphin, die later Lodewijk XVI werd. Later, tijdens de Franse Revolutie, diende het Belvedere-paleis als toevluchtsoord voor leden van de Franse koninklijke familie, waaronder Marie-Thérèse Charlotte. In 1896 wees keizer Franz Joseph I het paleis aan als residentie voor zijn neef en troonopvolger, aartshertog Franz Ferdinand. Ferdinand was veilig in het paleis totdat hij naar Sarajevo vertrok, waar hij werd vermoord, wat leidde tot de Eerste Wereldoorlog.

6. Bijna verwoest door de bombardementen tijdens de Tweede Wereldoorlog

De Tweede Wereldoorlog had een verwoestende impact op Europa. Ook Wenen bleef niet gespaard: de hele stad werd bijna volledig verwoest door de bombardementen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ook het Belvedere-paleis liep flinke schade op; delen van de prachtige Marmerzaal, met zijn enorme ovale plafond, werden door de bombardementen verwoest. De Groteskenzaal in het Beneden-Belvedere onderging een soortgelijk lot, waardoor het hele complex in puin lag. Gelukkig zijn er na de oorlog renovatiewerkzaamheden uitgevoerd, en op 4 februari 1953 ging de Österreichische Galerie in het Boven-Belvedere weer open. In datzelfde jaar werd het Barokmuseum in het Lager Belvedere geopend.

7. Bestaat uit verschillende gebouwen

Het Belvedere-paleis is meer dan zomaar een gebouw. Het is een enorm complex dat zich uitstrekt over meerdere acres en bestaat uit het Bovenste en het Onderste Belvedere en een grote tuin. Samen vormen ze een van de mooiste barokke bouwwerken van Europa. Elk deel van het complex had een andere functie. Het Boven-Belvedere werd gebruikt voor representatieve doeleinden, terwijl het Beneden-Belvedere de residentie van prins Eugenius was. Daarin zie je de Groteskensaal, de Marmergalerij en de Gouden Zaal, die de weelde van prins Eugenius laten zien. De iconische Belvedere-tuinen zijn trouwens perfect voor een wandeling en je vindt er prachtige beelden en watervallen.

8. De liefde van prins Eugène voor sinaasappels

Prins Eugène was een charmante man. Hij hield van kunst en cultuur: de meeste kunstwerken in het Belvedere-paleis maakten deel uit van zijn verzameling. Het is interessant om te weten dat de prins ook dol was op sinaasappels. Ja, sinaasappels. Hij liet het Winterpaleis, ook wel de Oranjerie genoemd, naast het Beneden-Belvedere bouwen om zijn sinaasappelbomen te beschermen. De Oranjerie bestaat nog steeds, maar er worden geen sinaasappels meer in bewaard. Het huis wordt nu gebruikt voor tentoonstellingen en herbergt een onschatbare collectie middeleeuwse sacrale kunst.

9. De thuisbasis van barokke tuinen

De barokke tuinen van het Belvedere-paleis zijn echt een lust voor het oog! Ze worden beschouwd als een van de mooiste baroktuinen van Europa en staan op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. De tuinen, die het Bovenste en het Onderste Belvedere met elkaar verbinden, staan vol met prachtige beelden, keurig onderhouden heggen en kunstzinnige bloembedden. Midden in de tuin zijn watervallen en fonteinen aangelegd, waardoor de tuin een surrealistische sfeer krijgt. Mis de Alpentuin zeker niet; die staat tussen april en september volop in bloei. Je kunt er meer dan 4000 soorten alpenplanten uit verschillende delen van de wereld bewonderen.

10. Laat het beste van de Oostenrijkse kunst zien

Het Belvedere-paleis is de grootste pleitbezorger van de Oostenrijkse kunst in het land. Het Boven-Belvedere, dat deel uitmaakt van het grotere Belvedere-complex, herbergt buitengewone kunstcollecties die zich kunnen meten met de allerbeste van Europa. Het grootste deel van de kunstwerken in het paleis maakte ooit deel uit van de persoonlijke collectie van prins Eugène. De kunstcollecties bevatten werken uit de 16e en 17e eeuw van Italiaanse, Nederlandse en Vlaamse kunstenaars. In het Belvedere vind je ook de grootste collectie schilderijen van Gustav Klimt, waaronder „De Kus“ en „Judith“. Tijdens je rondleiding maak je ook kennis met kunst uit de middeleeuwen en legendarische werken van Monet, Van Gogh, Amerling, Fendi en beeldhouwer Franz Xaver Messerschmidt.

Veelgestelde vragen over het Belvedere-paleis

Het Belvedere-paleis is een historisch museum in Wenen, Oostenrijk. Daar vind je de mooiste Oostenrijkse en middeleeuwse kunstcollecties.

Meer info

Over het Belvedere-paleis

Boek nu

De kunstcollectie van het Belvedere-paleis

Boek nu

Bezoek het Belvedere 21 Museum

Boek nu